een bakfriet in de maag?

De aanleiding is de vraag een nieuwe model voor een frituur te ontwerpen in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. De nieuwe frituur moet een sterke en gemakkelijk herkenbare visuele identiteit hebben, de frituur moet geïntegreerd worden in de openbare ruimte, de frituur moet rekening houden met het dagelijks beheer op het vlak van de openbare netheid en de frituur moet bouwkundig goed in elkaar zitten.

Ons antwoord stelt de vraag in vraag.

Wordt een frietkot wel ontworpen?

Het is een vraag die maatschappelijk relevant is en door de wedstrijd ‘een bakfriet in de maag?’ weer actueel.

Het frietkot is een architectuur-zonder-architect, een volksarchitectuur. Zelfbedacht en zelfgemaakt. Het frietkot heeft niet met esthetiek te maken, maar met sfeer en karakter. Het frietkot is laagdrempelig, toegankelijk en persoonlijk.

We kiezen positie.

Het frietkot wordt niet ontworpen, we ontwerpen de ruimte errond. Dat is ons antwoord op de vraag.

Als voorbeeld nemen we Friture Pitta de la Chapelle op de Kapellemarkt. Het plein organiseert zich rond de Kerk van Onze Lieve Vrouwe Ter Kapelle, Friture Pitta de la Chapelle staat achteraan de zijkant van de kerk aan de rand van het plein. Door de verschillende objecten op het plein naast of rond het frietkot te herschikken zoeken we naar een manier om de intensiteit van de ruimte rond het frietkot te vergroten. Paaltjes, banken, vuilbakken, vlaggen, de parkeermeter, de Villo!-paal, de brandhaspel, het informatiebord, de wegwijzer, het monument en de schilder. Alles mag worden verplaatst om de bestemming van de ruimte te veranderen. Iedereen die naar het plein komt zal nu iets te zoeken hebben in de buurt van het frietkot. Het frietkot staat centraal. De hiërarchie tussen de kerk en het frietkot wordt omgedraaid. Het kerkplein wordt het frietkotplein, met het frietkot als iconisch referentiepunt.

In samenwerking met Laura Muyldermans

Met dank aan Rieke Vancaeyzeele.

een bakfriet in de maag?
een bakfriet in de maag?
een bakfriet in de maag?